In 1987 was het Jules Croiset, een Nederlandse acteur, die zijn eigen ontvoering ensceneerde.
Croiset was fel tegen de opvoering van het toneelstuk “Het vuil, de stad en de dood” van Rainer Werner Fassbinder in Rotterdam. Hij geloofde dat het stuk antisemitisch was en voerde hiertegen actie.
Om aandacht te krijgen voor zijn zaak, verstopte Croiset zich in BelgiĆ« en meldde zich later bij de politie met het verhaal dat hij was ontvoerd door Nederlandse fascisten. Hij beweerde in een rioolbuis bij Charleroi te zijn achtergelaten. De politie startte een grootscheepse zoekactie, maar al snel bleek Croiset’s verhaal verzonnen te zijn.
De acteur kwam later met de verklaring dat hij met zijn actie aandacht wilde vragen voor de volgens hem antisemitische inhoud van het stuk.
De actie van Croiset kreeg veel media-aandacht en leidde tot discussies over de grenzen van het vrije woord en de toelaatbaarheid van protest.
Het ensceneren van een eigen ontvoering is een ernstig misdrijf. Naast de mogelijke juridische gevolgen kan het ook leiden tot imagoschade en een verlies van vertrouwen van het publiek.